Meneer Wateetons test vegetarische worsten

Meneer, gelicenceerd worstaficionado, kocht bij zijn lokale super het vegetarisch worstassortiment. Gewoon, om eens te proeven wat ze daar nou van bakken.

 

de pakjesvan links naar rechts: Vegetarische Slager, Tivall en Vivere

Vegetarische slager

vegetarische slager
De Vegetarische Slager heeft een naam hoog te houden als het gaat om vleesvervangers. Meneer heeft al meerdere producten getest en was steeds onder de indruk van zowel de smaak als structuur van deze technologische hoogstandjes. Hun worst bestaat uit soja- en tarwe eiwit. Ooit sprak hij met een productontwikkelaar die aangaf dat het velletje van de worst het lastigste onderdeel was, waar ze op dat moment nog geen oplossing voor hadden. Inmiddels ligt de worst dus al enige tijd in de schappen. Hij ziet er, rauw, uit als een worst. Een beetje een grauwe, voorgegaarde worst, maar onmiskenbaar een worst. Er lijkt geen darm omheen te zitten, maar de buitenkant is opvallend glad en geeft wel de indruk van de aanwezigheid van een darm. De geur is soepig, en enigszins vlezig. Wanneer je je tanden erin zet krijg je toch een darmgevoel. In de positieve zin des woords. Ook de substantie doet vlezig aan. Met een goede, stevige, dare I say sappige, bite. De smaak is niet bijzonder: een vrij generieke,  vermoedelijk van gist afkomstige, soep-bouillonervaring.

Tivall

tivall
De worstjes bestaan volgens de ingredientendeclaratie uit tarwe-eiwit en soja-eiwit naast een reeks zetmeeltjes, gistjes en E-tjes natuurlijk. Het moet gezegd, ze zien eruit als worst. Als een karikatuur van een knakworst, liever. En dan de variant uit blik. Er zit geen darm-equivalent omheen. De buitenzijde voelt heel glad en is zo egaal van kleur dat hij geverfd lijkt. Van binnen ziet de worst er al net zo prototypisch knakworsterig uit, net even te roze. De worst heeft een tamelijk aanwezig, en behoorlijk chemisch, rookluchtje. Dat proef je ook terug: rook met behoorlijk wat zuur. Qua structuur is dan weer overduidelijk geen vlees waar je in bijt, een beetje korrelig, zonder bite. Kortom, eigenlijk is dit een uitstekend vegetarisch substituut voor de goedkoopste knakworsten uit blik.

Vivera

Vivera worstje
Ze zijn langwerpig. Daar is dan ook alles mee gezegd. Verder doen de worstjes van Vivera in niets aan worst denken. Het hoofdingrediënt is lupine. De eerste associatie die bij meneer opkwam toen hij er een onder zijn neus hield was ‘varkensstal’. Dat is dan ergens wel weer passend. Van een darm is geen sprake. De worst snijdt niet lekker tot plakjes door de losse structuur. De smaak is vooral soeperig. Soep in de varkensstal.

De conclusie
Geen van de drie worsten kunnen zich meten met een echte –laat staan zelfgemaakte– braadworst. Maar binnen de drie geteste worsten wint de Vegetarische Slager zonder twijfel. Gaat je worstbehoefte niet verder dan een blik knakworsten van 89 cent, dan biedt Tivall een redelijk substituut. Ach, als dat je referentiekader is dan kunnen die Vivera-drollen eigenlijk ook wel.

Geef een reactie